Steun PO in actie!

Het primair onderwijs (PO) is in beweging! En wie had vooraf gedacht dat het zo hard zou lopen. De kracht van sociale media wordt weer eens bewezen. Op het moment van schrijven (13 maart) heeft de facebookpagina PO in actie al bijna meer dan 22.000 leden. Daarom gaan allereerst mijn complimenten uit naar de initiatiefnemers. Het zou zomaar kunnen dat jullie initiatief van onschatbare waarde is!

Deze actie komt vlak nadat de VO-vakbond Leraren In Actie een onderzoek begon naar het starten van een PO-afdeling. Kortom, er lijkt een hoop te gebeuren in het PO. Dit vooral met kleinere klassen en een hoger salaris als doel.

Het salaris is al jaren een pijnpunt in het onderwijs. Vooral in het PO lopen we behoorlijk achter de feiten aan. Even de cijfers op een rij. Als leraar in het PO start je met een brutosalaris van €2436 in de LA-schaal. Na 15 jaar sta je op €3482. Mocht je doorgroeien naar een LB-schaal, sta je na vijftien jaar op €3826. Laten we even blijven bij die LB-schaal. Dat is namelijk ook de laagste schaal in het voortgezet onderwijs (VO). Maar in het VO eindigt die schaal na twaalf jaar op €3978. Dit betekent dat iemand met hetzelfde opleidingsniveau in het VO uiteindelijk €152 per maand meer verdient, wat neerkomt op €1824 per jaar, exclusief overige uitkeringen en toeslagen. PO in actie heeft als doel de LA-schaal af te schaffen en de LB-schaal gelijk te stellen met de LB-schaal uit het VO. Tot slot moeten de huidige LB-leraren doorgroeien naar de LC-schaal, zoals die ook in het VO is bepaald. Wat mij betreft mag het nog een stap verder gaan, want als je nu doorstroomt van LA naar LB, wordt je in treden teruggeplaatst. Daardoor duurt het alsnog meerdere jaren voordat je er uiteindelijk pas echt merkbaar op vooruit gaat. Wat mij betreft wordt het terugplaatsen in treden daarom ook verleden tijd.

En kijk eens aan, ook de AOb, CNV Onderwijs en de PO-raad scharen zich achter de actie en vinden dat het salaris maar eens goed aangepakt moet worden. Het lijkt er bijna op dat we als PO’ers in onze handen mogen knijpen. Drie grote partijen aan onze zijde!

Maar we moeten oppassen, kritisch blijven en ons zeker geen zand in de ogen laten strooien. De AOb en CNV Onderwijs zijn namelijk dezelfde vakbonden die al jaren ‘namens ons’ aan tafel zitten. De laatste jaren resulteerde dit in plannen die wat betreft kritiek niets tekort kwamen, waaronder het lerarenregister en de nieuwste CAO. Daarbij heeft de AOb het vooralsnog alleen over vijf procent loonsverhoging en het afschaffen van de LA-schaal. Over het gelijktrekken van de LB-schaal met het voortgezet onderwijs en huidige LB’ers laten doorstromen naar LC zegt de bond in haar schrijven helemaal niets. CNV Onderwijs stelt dat een beter salaris altijd de inzet is aan de onderhandelingstafel, hoewel we hier al jaren weinig van hebben gemerkt. Het salaris stond zelfs jarenlang op de nullijn. Verder heeft CNV Onderwijs het vooral over meer handen in en rondom de klas. Ook dat is natuurlijk altijd welkom, maar niet waar PO in actie prioriteit aan geeft. De klassen moeten vooral kleiner! Onder aan de streep is de conclusie dat de reactie van de bonden vooralsnog zwakjes is. Een grote gemiste kans op onvoorwaardelijke steun.

Verder doet de PO-raad zich maar wat graag voor als een belangenbehartiger van het gehele onderwijsveld en de uitgesproken steun voor PO in actie klinkt veelbelovend. Maar de PO-raad behartigt (ook naar eigen zeggen) de belangen van schoolbesturen. Natuurlijk zal de PO-raad pleiten voor meer geld voor het onderwijs. Het zou alleen niet de eerste keer zijn dat bedragen (grotendeels) in de grote pot verdwijnen van de zeer bekritiseerde lumpsum. Zo werd in 2013 het Nationaal Onderwijs Akkoord gesloten en kregen de schoolbesturen 265 miljoen euro voor 3000 extra docenten. Die extra docenten zijn er nauwelijks gekomen. Kortom, vergeef me dat ik sceptisch ben.

Het PO-salaris is al jaren niet marktconform, we stonden jarenlang op de nullijn en de laatste loonsverhoging was een spreekwoordelijke sigaar uit eigen doos. Voor de rest krijgen we vooral te horen dat ‘we het verschil maken.’ Johannes Visser schreef in de Correspondent al eens een sterke uiteenzetting over deze tenenkrommende uitspraak. ‘We verhogen je salaris al vijf jaar op rij niet. Maar je maakt wel het verschil,’ is misschien wel het meest toepasselijke citaat uit dit stuk. Zelfs hele ‘studiedagen’ (let op de aanhalingstekens) worden georganiseerd rondom dit onderwerp, waar vooral niet-onderwijzers ons voor ongeveer 500 euro en een ‘gratis’ tablet vertellen hoe goed we wel niet zijn. Hoera. We stonden jaren op de nullijn, maar wat zijn we goed! Alsof een kind jarenlang een goed rapport mee naar huis neemt na keihard gewerkt te hebben, maar daar nooit iets voor krijgt.

In het verlengde van dit verhaal denk ik altijd aan het JD-R model. Eenvoudig en kort uitgelegd zet dit werkdrukmodel werkeisen en energiebronnen tegenover elkaar. Werkeisen zijn stressoren, terwijl de beschikking over energiebronnen motiveren om een taak uit te voeren. Teveel werkeisen kunnen leiden tot een burn-out. Energiebronnen compenseren dit. Hoe meer energiebronnen, hoe meer werkeisen we aankunnen.

In het onderwijs aan werkeisen geen gebrek. Werkelijk iedereen mag roepen wat het onderwijs moet doen. Je hoeft de televisie maar aan te zetten en je hoort al snel dat we in het onderwijs ‘iets moeten.’ Zodra een maatschappelijk probleem ontstaat, moeten scholen daar iets mee. Vele partijen denken maar al te goed te weten hoe leerkrachten hun werk moeten doen. Natuurlijk moeten ook de resultaten in orde zijn, evenals die vaak genoemde administratie. Tegelijk doen we het vaak niet goed genoeg. Eerder schreef ik al over de falende leerkracht. Kortom, eisen zat. Niet voor niets is het ziekteverzuim in het onderwijs een van de hoogste van alle sectoren. Maar hoeveel energiebronnen ontvangen we nu eigenlijk? Een sigaar uit eigen doos als loonsverhoging, de uitspraak dat we het verschil maken en de dag van de leraar. Iemand vertelde me eens dat wanneer voor een fenomeen een bepaalde dag bestaat, dit eigenlijk geen goed teken is. Het zette me aan het denken…

De overheid probeert al jarenlang met allerlei maatregelen het onderwijs aantrekkelijker te maken. Maar het salaris staat zelden hoog op het lijstje. Op 24 februari 2017 kwam OCW met een brief aan de Tweede Kamer. Daarin worden plannen beschreven om het lerarentekort aan te pakken. Zo wordt gesproken over belonen door carrièreperspectieven. Nergens wordt gesproken over een beter salaris. Sterker nog, beloning speelt voor jongeren een belangrijke rol voor jongeren om wel of niet in het onderwijs te blijven werken, dus heeft OCW ‘niet voor niets de nullijn in lange tijd losgelaten.’ Ja, het staat er echt (pagina 8). We mogen in onze handen wrijven. Wat een gunst. De PO-raad stelt naar aanleiding van deze brief aan onze kant te staan, hoewel ook dat, net als bij de AOb, concreter kan worden geformuleerd. De partnerorganisatie, de VO-raad, vindt de kamerbrief wel een goed vertrekpunt. Hoe dan ook, houd in het achterhoofd dat OCW niet spreekt over die felbegeerde salarisverhoging en PO in actie niet met open armen zal ontvangen over dit onderwerp.

Ook Rotterdam deed vorig jaar een dappere poging om gemotiveerde leerkrachten te trekken voor de tekortvakken: een bonus van €5000. Zo komen de beste leraren naar Rotterdam, was het idee. Ik stond al in de starthouding, tot ik me realiseerde dat ik al in Rotterdam werkte en ik dus niet eens in aanmerking kwam. Hoewel dit plan inderdaad vooral bedoeld was voor het VO, konden ook academici die in Rotterdam in het PO gingen werken voor deze bonus in aanmerking komen. Je zult maar geen academicus zijn, nog altijd het overgrote deel van onderwijzend Nederland. In dat geval ben je dus zelfs niet goed genoeg voor een minimale bonus. Je gaat als niet-academicus bijna denken dat je écht waardeloos bent. Besef je dan nog maar een keer dat je tenminste wel het verschil maakt.

Hoge werkeisen, het gevoel dat je niet serieus wordt genomen, terwijl er maar weinig tegenover staat. Het wordt inderdaad tijd dat we serieuze energiebronnen gaan eisen. Geen sigaren meer uit eigen doos, niet alleen losgelaten nullijnen en geen holle uitspraken die ons vertellen dat we het verschil maken. Nee, het wordt tijd voor energiebronnen als meer autonomie, meer tijd (zoals omschreven in de motie Van Meenen/Ypma), kleinere klassen en, inderdaad, een sterk verbeterd salaris. Dus laat ons de handen ineenslaan! Let’s do it! Steun PO in actie door lid te worden van de Facebookpagina!

Advertenties

6 thoughts on “Steun PO in actie!

  1. Zeer duidelijke, goed opgebouwde blog! Het gelijk stellen van de LB schalen is dringend en niet omdat er een verschil is tussen mensen met een gelijk opleidingsniveau. Regelmatig hoor ik en is in mijn geval ook zo, dat leraren in het PO een HBO+ denkniveau en bijbehorende opleiding (master) moeten hebben om in aanmerking te komen voor een LB-functie. In de praktijk betekent dat dus dat een bachelor in het VO meer verdient dan een master in het PO.

    Like

  2. Ik kan alleen maar beamen wat hier staat. Toch moeten we zelf ook de hand in eigen boezem steken. Als we al eens gaan staken, zorgen we toch voor opvang van de kids, zetten vervolgens papieren hoedjes op en gaan in de huppelprocessie het Malieveld over. om te bescheuren toch. Staken is staken. Geen opvang en volhouden totdat e.a. Geregeld is.

    Like

  3. Pingback: Media - #POinactie
  4. Als gepensioneerd directeur van een basisschool steun ik deze actie volledig. Vooral de werkdruk moet omlaag zonder al die papieren rompslomp. Je moet er gewoon in de eerste plaats voor de kinderen zijn. Succes!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s